De kern van de wijziging: het huidige normenkader voor lood in de bodem blijft (voorlopig) behouden, maar er geldt voortaan een nieuwe werkwijze om te beslissen of een verder onderzoek nodig is bij een oriënterend bodemonderzoek. Deze aanpassing is gebaseerd op de nieuwste inzichten van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) over de gezondheidsrisico’s van lood.
De drempel voor het uitvoeren van een beschrijvend bodemonderzoek bij lood is dus aanzienlijk strenger geworden. Dat kan een impact hebben op geplande projecten of lopende dossiers van eigenaars, ontwikkelaars en exploitanten.
Waar veel concullega’s enkel de nieuwe verplichting opvolgen, gaat Profex een stap verder. Wij bekijken alle beschikbare onderzoeksgegevens grondig en voeren – indien nodig – bijkomende staalnames en analyses uit. Zo controleren we of de historische concentraties nog steeds representatief zijn voor de huidige situatie. Op die manier krijg je een correct en betrouwbaar beeld van de bodemkwaliteit, en vermijden we onaangename verrassingen in een later stadium.
Grenst jouw terrein aan een gracht, beek, kanaal of vijver? Dan kan ook de waterbodem een rol spelen binnen een oriënterend bodemonderzoek. Met een goede voorbereiding en de juiste expertise verloopt het traject vlot en zonder verrassingen.
Ben je eigenaar van een grond met een historisch risicoverleden? Dan kan een siteonderzoek een grote geruststelling zijn. De OVAM neemt het onderzoek en eventuele sanering op zich, terwijl jij als eigenaar duidelijkheid krijgt over de bodemkwaliteit, zonder extra kosten of verplichtingen.
OVAM laat bodemdossiers waarin asbestverontreiniging door afdruipzones voorkomt opnieuw beoordelen door erkende bodemsaneringsdeskundigen. Dit vervangt het oorspronkelijke plan om “verdere maatregelen” automatisch om te zetten naar “geen verdere maatregelen”, omdat OVAM dit zonder gedetailleerde terrein- en risicokennis zou doen